In het kader van de geannoteerde agenda van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken op 8 en 9 juni 2017 te Luxemburg is de minister van Veiligheid en Justitie ingegaan op een vraag van VVD-lid Van Oosten over mogelijk misbruik door de commercie van de voorgestelde uitzondering in de richtlijn auteursrecht ten behoeve van tekst- en datamining voor wetenschappelijk onderzoek.

Citaat uit de brief van de minister aan de Tweede Kamer:

"Additioneel
Toezegging vorige AO inzake Auteursrecht
Graag kom ik terug op de vragen van de heer Van Oosten van de VVD-fractie, zoals gesteld tijdens het algemeen overleg JBZ-Raad van 17 mei jl. inzake het richtlijnvoorstel over auteursrecht. In september 2016 heeft de Commissie een voorstel voor een richtlijn over auteursrecht in de digitale eengemaakte markt gepresenteerd. Uw kamer is over de eerste appreciatie van het voorstel in november 2016 op de te doen gebruikelijke wijze geïnformeerd. Het onderwerp staat niet op de agenda van de JBZ-Raad. Politieke besluitvorming is ook nog niet aan de orde. De onderhandelingen verkeren nog in een vroeg stadium. Het voorstel van de commissie valt uiteen in verschillende delen. Het eerste deel bevat maatregelen om de uitzonderingen op het auteursrecht aan te passen aan de digitale omgeving waarin beschermd materiaal zonder aanzien van landsgrenzen kan worden gebruikt. Tekst- en datamining is een geautomatiseerde analytische techniek gericht op het analyseren van tekst en data in digitale vorm om bepaalde trends, patronen of verbanden te identificeren. Aan tekst- en datamining kan een auteursrechtelijk relevante verveelvoudigingshandeling vooraf gaan. Om die zonder voorafgaande toestemming van rechthebbenden mogelijk te maken wordt een uitzondering voorgesteld. Die uitzondering is in het voorstel van de Commissie voorbehouden aan onderzoeksinstellingen voor wetenschappelijk onderzoek. In de raadswerkgroep is gevraagd of erfgoedinstellingen ook van de uitzondering kunnen profiteren. Op dit moment kunnen commerciële bedrijven dus niet van de uitzondering profiteren. Tijdens het vorige algemeen overleg heeft de VVD-fractie gevraagd hoe kan worden voorkomen dat de commercie van de voorgestelde uitzondering misbruik maakt. In feite gaat het hier om een handhavingskwestie. Auteursrechtelijk relevant gebruik van beschermd materiaal dat straks niet onder een uitzondering valt en waarvoor ook geen toestemming middels een licentie is gegeven, behelst een inbreuk. Het is in beginsel aan rechthebbenden om daartegen langs civielrechtelijke weg op te treden."

06-06-2017